Een echte Hollandse klassieker met een groene twist. Boerenkool, aardappelen en rookworst vormen de vertrouwde basis, terwijl jonge brandnetel zorgt voor een extra groene smaak. Met een beetje mosterd krijgt deze winterse stamppot net wat meer pit.
Ingrediënten
Materiaal
Bereiding
- Schil de aardappelen, snijd ze in gelijke stukken en doe ze in een ruime pan.
- Leg de boerenkool boven op de aardappelen en voeg water toe tot de aardappelen grotendeels onderstaan. Kook circa 20–25 minuten, tot alles gaar is.
- Blancheer de brandneteltoppen apart 1–2 minuten in kokend water. Giet af en laat goed uitlekken. Door het blancheren verliezen de brandharen hun prikkelende werking.
- Verwarm de rookworst volgens de aanwijzingen op de verpakking.
- Giet de aardappelen en boerenkool af. Bewaar eventueel een beetje kookvocht.
- Verwarm de melk met de boter en stamp dit door de aardappelen en boerenkool.
- Snijd de geblancheerde brandnetel fijn en meng deze door de stamppot.
- Roer de mosterd erdoor en breng op smaak met zout en peper. Voeg zo nodig wat kookvocht toe voor een smeuïge structuur.
- Serveer de stamppot met de rookworst.
💡 Tip
Bak wat ui in een koekenpan goudbruin en schep die vlak voor het serveren door de stamppot. Dat geeft een lichtzoete smaak die mooi samengaat met de mosterd.
🌿 Wist je dat?
Brandnetel wordt in de keuken al lang gebruikt voor soep, pesto en andere groene gerechten. Door de plant kort te blancheren, worden de brandharen onschadelijk gemaakt en kun je de blaadjes verwerken in warme gerechten.

